Eristalinus sepulchralis 

  •  

    Règne : Animalia
    Subdivision : Hexapoda
    Subdivision 2 : Diptera
    Genre : Eristalinus
    Espèce : sepulchralis
    Sous-espèce :
    Variété :
    Ancien nom :
    Auteur : (Linnaeus 1758)
    Auteur variété :

  • Eristalinus sepulchralis
    Copyright © 2021 CEBE-MOB - Photo Baugnée Jean-Yves

 

Noms vernaculaires
Français :
Neerlandais : Weidevlekoog
Allemand :
Anglais :

 

Localisation sur les sites CEBE
Moeraske : x
Périphérie Moeraske :
Walckiers : x
Hof ter Musschen : x
Périphérie Hof ter Musschen :
Houtweg :

 

Détermination
Détermination confirmée : oui
Découvreur CEBE : Jean-Yves Baugnée
Déterminateur : Jean-Yves Baugnée
Nomenclature : Fauna Europaea, accepted name: Eristalinus sepulchralis (Linnaeus 1758)

 

Bibliographie
Lifedesk


 

Commentaires
Les Eristalinus sont les seuls syrphes à présenter des yeux tâchetés. E. sepulchralis se distingue de l'espèce voisine E. aeneus notamment par les bandes grises sur le thorax (absentes chez aeneus). L'adulte est attiré surtout par les fleurs jaunes. Il se rencontre d'avril à octobre surtout dans les endroits humides. Les larves du genre Eristalinus sont semblables a celles des Eristalis, dites à ''queue de rat''. Pour E. sepulchralis, Rotheray (1993) indique que les larves vivent dans les amas de végétaux en décomposition dans les marais et differents types d'eaux stagnantes, mais aussi dans le fumier humide.
r «Mannetjes E. aeneus verschillen ook doordat de ogen elkaar bij het voorhoofd raken, terwijl bij de weidevlekoog de ogen gescheiden zijn net zoals bij de vrouwtjes van beide soorten. Zowel het achterlijf als het borststuk hebben een mooie bronzen glans, waar de soort ook haar wetenschappelijke naam (aeneus) aan dankt... In tegenstelling tot [E. aeneus] zijn de achterlijfssegmenten niet geheel glimmend maar dof in het midden. Op het borststuk bevinden zich vijf grijzige lengtestrepen, die vooral bij het vrouwtje erg opvallen. De dijen van het achterste paar poten zijn gekromd.» (veluwe-insecten.nl).


 

Biotopes
Prairie humide. L'adulte est attiré surtout par les fleurs jaunes.
«zijn overal te vinden, maar vooral in wat nattere omgevingen zoals aan slootranden.» (waarneming.nl) «The larvae of this species are of the â??long-tailedâ??, aquatic type, occurring in rotting vegetation around ponds and marshes especially when enriched with animal dung, etc. They can also breed in polluted conditions, such as the run-off from dung heaps and silage clamps. Adults can often be seen settled on bare mud or swept from long vegetation near breeding places, and may be found visiting a wide range of flowers. Adults overwinter» (Hoverfly Recording Scheme)


 

Observations
17/05/2008, Moeraske ruigte (MN24) (1ste waarneming), 1 ex. (± 1 cm) tijdens regenachtig weer op blad netel langs het pad, BH.
07/09/2004, Hof ter Muscchen, butine Pulicaria dysenterica, peupleraie, JB.

Eristalinus sepulchralis
Moeraske - 05/08
Photo: Hanssens Bart
Copyright © 2021 CEBE-MOB
Eristalinus sepulchralis
Moeraske - 05/08
Photo: Hanssens Bart
Copyright © 2021 CEBE-MOB
50.852267925,4.44606301~50.88244975,4.400092095625~50.88244975,4.400092095625~50.852267925,4.44606301~50.88244975,4.400092095625

 

Google Map & Obserbations.be